Weeuw

Sneeuw (“weeuw” zegt Zoon) is toch iets raar. Is er iets mooiers dan een besneeuwd landschap, alle harde contouren verzacht en afgerond door een witte sneeuwdeken? Alles verstild en bevroren, een momentopname die uitgerekt wordt, met hier een daar een eenzame vogel in een kale boom. En het reikhalzend uitkijken ’s morgens, om te zien of de weerman gelijk had en er tijdens de nacht inderdaad sneeuw gevallen is. En hopen dat hij toch tenminste één dagje mag blijven liggen. Aan de andere kant is het op de weg niets dan ellende, die enkele dagen op de 365 dat het in Vlaanderen nog eens sneeuwt. En begin je na een paar dagen sneeuw (en prut op de weg) alweer te verlangen naar dooi…

Sneeuw heeft ook iets éénmaligs. Je kan maar één keer door een ongerept winterlandschap wandelen. Als je je omdraait, verstoort een rij voetstappen de witheid… 

Bij Dochter is het misschien op het randje, maar Zoon is alleszins nog te jong om later tegen zijn eigen kindjes te zeggen dat hij nog sneeuw gezien heeft toen hij klein was. Wie weet was het de laatste keer, met de opwarming van het klimaat. Zelfs ik ben er niet meer zeker van dat ik ooit al eens een echt strenge winter meegemaakt heb. Misschien toen ik een pak jonger was, toen er nog sprake was van Elfstedentochten en zo.

Advertenties

6 thoughts on “Weeuw

  1. Het klimaat is om zeep, da zeg ik de laatste tijd veel. Nuja, enkel erover leuteren zal nie veel helpen! Doen is de boodschap!
    Maar je hebt gelijk, ik kan mij ook niet meer zo goed herinneren wanneer het nog ne keer vroor dat het kraakte. Vroeger had ik mijn eigen paar schaatsen en konden we op de plaatselijke vijver ons eens goed uitleven… ’t is jaaaaaren geleden!

  2. Amaai. De elfstedentocht. “Evert van Benthem” denk ik dan spontaan. Een naam die precies in mijn geheugen gegrift staat. Vast een oud-winnaar van een jaar of 20 geleden.

    Ik ben vanmorgen alvast met fiets en fototoestel naar het werk gegaan om onderweg toch nog wat sneeuwlandschappen voor het nageslacht vast te leggen.

  3. Dàt waren pas winters, ’85 en ’86. Met de fiets naar mijn toemalig vriendje twee kilometer verderop, getooid met twee paar sokken, een lange onderbroek, een broek, veel truien en een bivakmuts met een sjaal errond gedraaid. En nog was de snot in mijn neusgaten bevroren.
    Vrees niet Alcyon, het zal ooit nog wel eens flink sneeuwen (en blijven liggen).

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s