Kikvorsen

Discussiëren met Dochter is (soms) een spelletje. Tijdens het obligate plasje-doen voor het naar bed gaan, hadden we het over haar kikker. Een tijd lang antwoordde ze “Puit!” op de vraag hoe haar kikker heette. Ikke content, met mijn zwak voor dialect. Ik steek het niet onder stoelen of banken; ik zou graag zien dat Dochter, naast Nederlands natuurlijk, toch ook wel Oost-Vlaams kan babbelen.

Hoe we dat moeten aanpakken, is een andere vraag, want automatisch proberen we toch dialectwoorden te weren als we met haar converseren. Dus, ik vond het al leuk dat ze het woordje puit (puid) opgevangen had. Een leuker woord dan dat bestaat er toch niet?

Doet mij trouwens altijd denken aan een gesprek met onze uit West-Vlaanderen afkomstige zanger. Het ging over nachtkijkers. Hij sprak dat uit als ‘nachtkikker’. Ik kreeg visioenen van mannen in gevechtstenue die een amfibie op hun hoofd zetten en lag zowat in een lachstuip. Had het over de amfibie gegaan, dan had hij ‘nachtput’ (West-Vlaams voor ‘puit’ dus) gezegd, verduidelijkte hij, toen ik weer wat bijgekomen was. Ik zal het nooit vergeten.

Terug naar Dochter. Ik wou nog eens testen hoe het met haar dialectologische amfibieënkennis zat en vroeg haar hoe haar kikker heette.

D: “Kikker!”

Ik: “Nee, da’s een puit.”

D: “Nee, kikker!”

Ik: “Puit!”

D: “Kikker!”

Ik: “Puit!”

D: “Kikker!”

Ik: “Zeg eens puit?”

D: (plooit niet) “… Kikker!”

Ik: “Puit!”

D: (wordt zoiets niet moe) “Kikker!”

Ik: (niet te beroerd om de discussie wat te vervalsen) “Nee, da’s geen kikker, puit!”

D: “Da’s wel een puit! … Kikker!”

Mission accomplished.

Advertisements

14 thoughts on “Kikvorsen

  1. teloorgang van dialectwoorden vind ik een spijtige zaak. mijn grootouders hoor ik soms woorden zeggen die ik echt niet ken. blijkt dan dat mijn ouders die vaak nog passief kennen, maar zelf eigenlijk nooit meer gebruiken. en mijn generatie al helemaal niet meer.
    overigens laten wij de “t” van puit weg.

  2. >> Xixarro:
    Zal wel een algemeen Vlaams woord zijn in één of andere vorm. Verschillen zitten misschien vooral in de uitspraak. Bij ons wordt het uitgesproken als ‘poit’. Niet door mij, heb die dialectuitspraak niet goed geleerd toen ik jong was…

  3. Hier in Zuid-Westvlaanderen is een ‘puit’ een gangbaar dialectisch woord voor ‘kikker’…
    De kleinkinderen hebben het over ‘kikkers’ en de volwassenen over ‘puiten’…
    Toen ik als kind – in de late namiddag – bij mijn grootmoeder zaliger op bezoek ging vroeg ze telkens: ‘Heb je al ‘gevespreid/gevesprijd’… Ik weet niet eens hoe ik het correct moet schrijven!
    Ze vroeg gewoon of we reeds ons vieruurtje binnen hadden…Afgeleid van ‘vespers’…
    Allez, je begrijpt wel wat ik bedoel 🙂

  4. ‘Put’ (spreek de ‘u’ uit als een korte ‘uu’) heeft in de regio Brugge twee betekenissen. Naast ‘kikker’ betekent het ook ‘neuskeutel’ (“d’er zit ne put è je neuze!”).
    Het Nederlandse ‘put’ wordt alhier dan weer ‘pit’, en dat staat ondermeer voor ‘vijver’. Aldus kan het klinken: “d’er zit nu put in den pit”, wat dan betekent: “Er zit een kikker in de vijver.”
    Dialect is zo cool.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s