Ja en nee

De commentaren op het vorige bericht brachten mij ertoe te filosoferen over het (Zuid-Oost-Vlaams) dialect. In het Nederlands kan je iets bevestigen door ja te zeggen en iets ontkennen door nee te zeggen.

Ik heb het even geteld; in het dialect kom ik aan niet minder dan 546 theoretische mogelijkheden!

Ik verklaar mij nader. Allereerst is er natuurlijk ‘jau’ en ‘nieë’. Maar, ja en nee kan eventueel ook gevolgd worden door het persoonlijk voornaamwoord van de persoon over wie de bevestiging of ontkenning gaat. Bijvoorbeeld, iemand vraagt mij of ik al gegeten heb. Een volgende vraag kan dan zijn of zij al gegeten heeft. In het Nederlands luidt het antwoord tweemaal ja. In het dialect antwoord ik op de eerste vraag “jau’k” en op de tweede vraag “joeë’s”…

Even schematisch voorstellen:

ik jau’k nieë’k
jij/gij jau’g nieë’g
hij joeë’n naai’n
zij joeë’s naa’sj
het joeë’t nieë’t of nai’ntj
wij jau’m(en) nieë’m(en)
jullie jau’g nieë’g
zij joeë’s naa’sj

Je zou kunnen zeggen dat ja en nee verbogen worden in het dialect. Om het nog leuker te maken, is er ook zoiets als de ‘si’ in het Frans. Als iemand tegen mij zegt: “Het is buiten toch niet aan het regenen he?”, terwijl dat wel zo is, dan antwoord ik: “Toet!” (eigenlijk ” ’t Doet”). Dit kan ook bij de ontkenning. Opnieuw even schematisch voorstellen:

ik ‘k toen ‘k en doen
jij/gij ge doetj ge ’n doetj
hij a doet aa ’n doet
zij ze doet ze ’n doet
het toet (’t doet) (‘t) ’n doet
wij we doen we ’n doen
jullie ge doetj ge ’n doetj
zij ze doen ze ’n doen

Leukleuk… Lang geleden heb ik eens samen met een vriend daarover bezig gezeten. We ‘roflolden’, we lagen plat van het lachen, toen we tot de ontdekking kwamen dat het daarmee nóg niet uit is. Je kan deze antwoorden namelijk nog versterken ook… Hoe meer lettergrepen, hoe sterker de bevestiging of ontkenning. Als we bijvoorbeeld ‘toet’ willen versterken, kunnen we zeggen:

1 lettergreep toet
2 lettergrepen batoet motoet tetoet toetgij
3 lettergrepen abatoet mobatoet moëtetoet batoetgij
motoetgij
4 lettergrepen abatoetgij amobatoet mobatoetgij moëtetoetgij
amotoetgij amoëtetoet
5 lettergrepen amobatoetgij amoëtetoetgij

Dezelfde pre- en suffixen komen altijd terug, en er zit ook enige logica in. ‘Ba’ volgt altijd op ‘mo’ en niet omgekeerd. Ik heb dus 17 mogelijke manieren om toet te versterken. Dat gaat eveneens voor de andere, bijvoorbeeld ‘amo’k en doengij!’…

Dus 17 versterkingen x 16 verbogen vormen van toet en ’n doet = 272.

Die versterkingen kunnen ook bij de verbuiging van ‘jau’ en ‘nieë’, dus daar ook 17 x 16 = 272.

Plus ‘jau’ en ‘nieë’ zelf is … 546. Of alle vormen in de praktijk ook kunnen, heb ik niet meer uitgetest…

(Alle schrijfwijzen en voorstellingen zijn niet officieel, maar door mij hier nu zo gebruikt om de klanken zo goed mogelijk weer te geven…)

Advertenties

23 thoughts on “Ja en nee

  1. Ik heb een vriendin die haar lagere schooltijd in het franse landsdeel doorbracht. Daarna kwam ze naar Oostende en ze staat na ruim 30 jaar goed haar vrouwtje in het dialect. Alleen wat jij hierboven beschrijft kreeg ze nooit onder de knie. “Mooi weer hé 10!” beantwoord zij met “joas”. Ik stuurde haar je lijstje door. Ben benieuwd!

  2. Pingback: Kikvorsen « Alcyons nest

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s