Ge zoudt dat zó beu worden, al dat water. De kippenwei en moestuin staan sinds november onder, behalve tijdens de vries- en sneeuwperiode. De kippen kijken elke ochtend als ik hun deurtje openzet, eerst eens hoe diep het water is eer ze er in plonsen. En ze kijken mij klagend kakelend aan, jaloers op mijn rubberlaarzen. De aardbeiplanten staan ook tot hun nek in het water. Ik begin te vrezen dat ik dit jaar niet teveel groentjes ga kunnen kweken in dat moeras.
En de kelder is ook een constante bron van zorgen. Ik heb deze morgen weeral flink wat calorieën verbruikt met hozen. Met al die regen staat het grondwater zo hoog, dat het langs een verluchtingsbuis in de kelder stroomt. Blijkbaar zit aan het einde van die verluchtingsbuis een T-stuk (open langs de onderkant) en bovendien is ze halverwege wat gekraakt door het passeren van zware machines tijdens de bouw en aanleg van de tuin… Resultaat: toen een stuk van Vlaanderen onder water stond in november, waren wij ook duchtig aan het hozen en dweilen. En dus vandaag opnieuw; in de halve kelder stond weer een cm water. Staat; ‘t opdweilen is voor vanavond.
Al hebben we de buis sinds november dichtgespoten met PU-schuim, blijkbaar vindt water altijd wel een weg, zeker als er genoeg druk achter zit. Met een anderhalve-literfles water, met de teut afgesneden en aan een oude bezemsteel gebonden, heb ik buiten die verluchtingskoker leeggeschept (100 keer op en neer; 100 liter dus zowat), zodat de buis zelf tijdelijk weer boven water staat en de druk op de PU-prop weg is.
En buiten beginnen graven om de buis permanent af te dichten, is voorlopig niet aan de orde zonder duikpak.



