Feeds:
Berichten
Reacties

Archief voor oktober, 2006

Ouch

Het viel wat tegen om vanmorgen op te staan. Alles doet zeer. Er broeit iets. Ik moest mezelf de trap afslepen, de auto in zeulen, naar de trein strompelen en daarna tot het kantoor kruipen. Ik ben blij dat ik op mijn stoel zit. De koffie is voorlopig nog onbereikbaar. Het zal vandaag dus een redelijk ongeïnspireerd blogberichtje worden. Net nu ik gisteren mijn vroegere recordaantal bezoekers geëvenaard heb. De grafiek zal weer een duik nemen.

De rest van de week heb ik gelukkig vrijaf.

Net nu ook hadden we voor de rest van de week gepland om de haag op onze bouwgrond uit te smijten. De zoon van mijn schoonzus komt met een Manitou het zware werk verrichten, gelukkig. Zoals ik mij vandaag voel, ben ik tot niet meer in staat dan er wat tegen te leunen.

Ook de weergoden liggen weer dwars. Net nu krijgen de temperaturen een opdoffer, Boreas en Thrascius bollen hun wangen en nachtvorst loert om het hoekje.

En hier op kantoor blijft de stapel dossiers maar onafgewerkt liggen, terwijl er steeds andere klusjes tussen komen. Ik laat niet graag een stapel onafgewerkt materiaal achter als ik een paar dagen thuis ben (behalve voor het weekend). Zou ik iemand kunnen omkopen om mijn koffietas te gaan uitspoelen en er koffie in te gieten?

Lees het hele bericht »

Cet hiver

Interessant!

Lees het hele bericht »

Tafel te huur

“Onze kleine” kan ‘s avonds af en toe zijn keel eens open zetten, zonder dat ons duidelijk is waarom. Misschien weet hij het zelf niet eens. Hij is nergens content dan, niet in zijn wiegje, niet op zijn speelmat, niet in zijn park (daarin is hij eigenlijk maar zelden content), niet op papa’s schoot, niet op mama’s schoot, niet in de zetel… ‘t Is ook nog niet het moment voor zijn flesje. En zijn pamper is leeg. Mysterie. Aardstralen misschien.

Bij toeval ontdekten we de remedie. Toeval, nou ja. Uit pure frustratie eigenlijk.

Het is … de keukentafel.

Vreemd genoeg zwijgt hij als we zijn wiegje op de keukentafel zetten. Elke keer werkt het. Wij blijven gepuzzeld achter. Hij voelt het precies aankomen, als we zijn wiegje opnemen en ermee van de woonkamer naar de keuken gaan, want hij begint dan al hoopvol te glimlachen en hij staakt zijn gedrens. Aan onze keuken is nochtans niets speciaals. Ze ligt gewoon in het verlengde van de woon- en eetkamer, zonder deur. Het is er dus ook amper rustiger dan in de woonkamer. En toch, zet zijn wiegje op de keukentafel en meneer zwijgt, neemt zijn knuffelspookje in zijn beide knuistjes, zabbert tevreden op zijn tutje en knapt een uiltje. En nee, de keukentafel heeft niets te maken met ‘the making of‘; ‘t is niet dat hij een mystieke band moet voelen met die plek. Misschien dat de aardstralen er toch malser zijn dan in de woonkamer.

Anyway, nu we bouwplannen hebben, lijkt het mij de aangewezen manier om een centje bij te verdienen zonder veel moeite. Zijn er mensen die lastige kleine kindjes hebben? We verhuren de helft van onze keukentafel. De andere helft is permanent bezet door onze eigen spruit.

Zoonoptafel

Van bouwplannen gesproken; misschien moeten we hem de volgende keer dat we bij de architect langsgaan, maar meenemen. Kan hij gelijk zijn mening geven over de keuken. Dat hij achteraf maar niet komt klagen dan.

Lees het hele bericht »

Black Winter Day

Amorphis is een Finse groep die zijn songteksten baseert op de Kalevala, het Finse nationale epos.

Eén van mijn meest gewaardeerde cd’s is – was – Tales from the thousand  lakes. Na een tiental jaren in mijn bezit geweest te zijn, is het groepslogo nu zichtbaar geworden op de achterkant. Met andere woorden, de cd is schier onleesbaar geworden in een cd-speler. Ik weet al wat ik wil als nieuwjaarsgeschenkje (naast de nieuwste Terry Pratchett natuurlijk)…

Black Winter Day 

This is how the lucky feel
How the blessed think
Like daybreak in spring
The sun on a spring morning

But how do I feel
In my gloomy depths?

Like the flat brink of a cloud
Like a dark night in autumn
A black winter day
No, darker than that
Gloomier than an autumn night

 

Lees het hele bericht »

Raadseltjes

 ’t Is zaterdag, er komt hier toch geen kat over de vloer, afgezien van een enkel waarschijnlijk verdwaald exemplaar, en ik ga mij wijden aan het maken van een lekkere groentensoep voor deze middag. Geen gezaag over het milieu dus vandaag, geen rare dromen (lekker geslapen); ik heb het nieuws gisterenavond niet gezien, dus da’s ook al geen optie; het wolkendek is egaal grijs dus ook geen spectaculele sensationaire wolkenfoto’s. In plaats daarvan zou ik zeggen: hou u in stilte bezig.

- Hoe noem je een boemerang die niet terugkomt? Een stok.

- Waaraan kan men zien dat een man een kleintje heeft? Aan het kinderzitje achterop z’n fiets.

- Wat is het toppunt van lef? Een spookrijder proberen in te halen.

Lees het hele bericht »

Djoef van de week

Deze nacht droomde ik dat mijn dienst moest verhuizen naar een ander gebouw. Men kwam mij halen om even kennis te maken met de nieuwe werkplek en de collega’s die al verhuisd waren. In het nieuwe gebouw kwam ik op zoek naar mijn nieuw bureau een aantal Afrikaanse vrouwen, genre matrone, tegen. Makes sense. Na het bezichtigen van mijn kantoor (leuk, een eigen kantoor!) moest ik maar eens beginnen met inpakken en verslepen. Buiten werd het ondertussen schemerig, en ik kon alleen de weg niet meer terugvinden naar het andere gebouw, dat in mijn droom toch wel een eindje weg lag. In een grote stad, ik neem aan Brussel. De grote straat die ik moest volgen, droeg de naam van Jules Verne of Justus Lipsius, meen ik mij nog te herinneren. Iets met een Ju. Geen nood, een van de matrones die blijkbaar belast was met het rondbrengen van de post, trad op als gids. In de lift testten we nog even het oog uit net achter de liftdeuren, dat de lift doet stilvallen als je er je hand of voet voor houdt.

Toen ik echter terugkwam om mijn spulletjes in te pakken, bleek alles al weg te zijn. Niet alleen mijn paperassen en andere zaken, maar ook die van mijn naaste collega’s. Alleen mijn boekentas stond er nog. Hopla, terug naar het andere gebouw. Alhoewel het al redelijk laat moest geweest zijn, was het daar nog een drukte van jewelste. Nadat ik alles teruggevonden had wat men blijkbaar in mijn plaats had verhuisd, stelde een collega voor gauw iets te gaan eten. Niet ver van het kantoor stopten we bij een eetkraam met ongedefinieerde voedingswaren. En warempel, achter het eetkraam kon je de zee zien liggen! De zee in Brussel, leek vannacht compleet logisch.

En toen veranderde de nacht van zwart in witheet, een gloeiende pijn trok door mijn hoofd. Mijn vrouw had mij een keiharde elleboogstoot gegeven iets boven mijn rechteroog. Blijkbaar stond zij in haar dromen op het punt om overvallen te worden en wou ze zich verdedigen tegen haar belager.

‘t Doet nog pijn als ik er aan denk. En zeggen dat ik al een onderwerp voor vandaag netjes voorbereid in mijn gedachten had. Compleet vergeten natuurlijk. Wat moet ik nu schrijven?

Lees het hele bericht »

Talen(on)kennis (2)

Vervolg op Talen(on)kennis

Om mijn Frans wat te onderhouden, neem ik ‘s morgens in station Brussel-Zuid al enige tijd de Franstalige versie van de Metro mee, naast de Nederlandstalige. Misschien, als ik het lang genoeg volhoud, leer ik het even vlot lezen als Engels. Daarmee zou ik al content zijn. Spreken en schrijven zijn nog een stap te ver.

Nu heb ik ook een Franstalige blog ontdekt, die ik zal proberen te lezen, af en toe. Allez, niet dat het moeilijk is om Franstalige blogs te ontdekken, maar het moet voldoende interessant zijn om de moeilijkheid van de andere taal te compenseren.

Ik heb mij ook geabonneerd op de feeds van Raporto.info, een nieuwssite in het Esperanto. Voor mijn berichtjes heb ik daar al een tweetal keer uit gepuurd (zie IgNobel 2006 en Bush legt de grondwet naast zich neer). In het begin maakte ik nog veel oefeningetjes op lernu!, maar dat is flink geminderd. Je moet er ook tijd voor hebben he. Ik krijg nog wel elke dag een mailtje met een nieuw woord en enkele voorbeeldzinnen.

Wat Engels betreft, vrijwel de enige boeken die ik nog koop, zijn die van Terry Pratchett, en altijd in het Engels. Via eBay ben ik er verder een tijdje geleden in geslaagd om de reeks van James Herriot te vervolledigen. Toevallig had ik er daarvan vele jaren geleden een paar in handen gekregen, kleine pockets in het Engels over een plattelandsveearts in de jaren veertig en vijftig van de vorige eeuw. Sindsdien keek ik in elke boekhandel eventjes of ze de ontbrekende exemplaren niet hadden. Noppes natuurlijk. Geprezen zij eBay, omdat ik ze zo uiteindelijk kon kopen van iemand in Groot-Brittannië.

Duits, tja. Wat ik heb opgestoken van mijn schriftelijke cursus is veel te weinig om een boek te kunnen lezen.

Een boek lezen moet voor mij ontspanning zijn. Als het te veel moeite kost, als je elke zin tweemaal moet lezen waarna er nog steeds woorden zijn die je niet begrijpt, dan blijft het algauw aan de kant liggen.

Als men nou maar op een dag, ergens in het universum, de Babel fish zou ontdekken he… Al mijn taalfrustraties in één klap opgelost.

Lees het hele bericht »

Talen(on)kennis

Mijn kennis van het Frans is belabberd. Meer kan ik daar feitelijk niet over zeggen. Ter mijner verdediging: ik hoef het praktisch nooit te gebruiken. En de middelbareschoolkennis is bijgevolg verschwunden. Bijna volledig passief geworden.

Duits idemdito, met als klein doch niet onbelangrijk detail dat we dat maar één jaartje, één uurtje per week hebben gekregen. Mijn kennis van het Duits heb ik proberen wat bij te spijkeren door middel van een schriftelijke cursus. Die heeft  mij wel wat bijgebracht over de verbuigingen en vervoegingen, en zelfs een beetje woordenschat, maar ja, als je het verder in de praktijk niet bezigt…

Nog een geluk (?) dat Engels nogal alomtegenwoordig is. Kan ik tenminste zeggen dat ik toch nog redelijk goed ben in één andere taal dan het Nederlands, het Ninofs niet meegerekend. Ik heb er geen problemen mee een boek in het Engels te lezen. Maar de (te weinige) keren dat ik mijn kameraad van aan de universiteit, die nu in München woont met zijn Afrikaanse vrouw, nog eens ontmoet en het gesprek ter wille van haar in het Engels probeer te voeren, merk ik toch dat er op dat vlak nog veel werk aan is…

Ik heb mij enige tijd verdiept in Esperanto, op instigatie van Smiling Cobra. Op het internet vind je een aantal handige cursusjes en cursussen (zoals lernu!), waardoor je de basis eigenlijk op een mum van tijd onder de knie hebt. Maar wederom, spreken is een ander paar mouwen. En het is intussen weeral een tijdje geleden dat ik er nog eens deftig mee bezig ben geweest…

*zucht* Ik bewonder mensen die zich vlot kunnen uitdrukken in een of meerdere andere talen. Wreed moeilijk heb ik het niet om iets nieuws aan te leren, maar het is eveneens niet moeilijk voor mij om het snel weer te vergeten.

Ik doe wel enige (misschien halfslachtige) pogingen om mijn kennis wat te onderhouden. Maar dat is voor morgen.

Lees het hele bericht »

Koei

Vorige zondag haalde mijn schoonvader iedereen naar buiten om te helpen. Een paar koeien moesten op stal gezet worden.

Nu ben ik niet meteen de dapperste als het er op aan komt een koe de weg te versperren, maar dat was nu wel de bedoeling. Een paar kalveren (stevige beestjes ondertussen) waren in hun korte leven nog niet bekend geraakt met de stal. Daarom nam mijn schoonvader de gelegenheid te baat, omdat er op zondag wat volk aanwezig is, dat kan helpen met het afsluiten van mogelijke ontsnappingsroutes en het opdrijven van de koeien. Eens ze een keer van de weide naast de gebouwen over de koer naar de stal geloodst zijn, weten ze de weg en lukt het de volgende keer beter. Dan kunnen mijn schoonouders het de volgende keer vrijwel alleen af. Ik hoopte dat ik er in de ogen van de koeien (drie stevige kalveren en een grote koe) met een bezem in mijn handen redelijk onverzettelijk zou uitzien. “None shall pass!”

Het verhaal zou nu een dramatische wending kunnen nemen. Maar neen, na wat onrustig rondlopen en zoeken, deden de dieren netjes wat van hun verwacht werd. Blijkbaar maken ze niet de eenvoudige berekening van “ik weeg een paar honderd kilo en die daar ziet eruit als een goeie 90 kilo. Ik zou dus moeten in staat zijn om hem overhoop te lopen.” Ofwel hebben ze een heilige schrik van een bezem.

Maar dit was buiten mijn schoonvader gerekend. Eén keer is niet voldoende, dus de dieren werden weer van de stal naar de weide gejaagd. Even werd hen rust gegund, en hopsa, weer naar de stal. Wat inderdaad al veel vlotter lukte. En dan mochten ze weer los op de wei.

Het deed mij zowaar zo’n beetje denken aan mijn eigen kantoorjob. Soms zijn we een ganse tijd bezig aan een project. De wetgeving verandert, andere accenten worden gelegd door een nieuwe regering, en we kunnen opnieuw beginnen. De processie van Echternach.

En ik vraag mij nu ook af: wat zou er het eerst geweest zijn? Het woordje ‘koei’ of het woordje ‘koe’? Doch dit terzijde.

Lees het hele bericht »

Zondagse rust

Zondag is traditioneel een familiedag bij ons. Al van toen ik nog een kleine pagadder was. Toen gingen we ‘s middags eten bij de ene grootouders, en in de namiddag trokken we naar de andere grootouders (die waarover ik het had in Vaderlandsliefde en Dierenliefde). Bij de laatste doken dan ook mijn tantes met hun kroost op, zodat we altijd wel wat speelkameraadjes hadden.

Nu, zoveel jaren later, is er eigenlijk niet zoveel veranderd. Alleen de decors. ‘s Middags gaan we eten bij mijn ouders en halverwege de namiddag verkassen we naar mijn schoonouders, alwaar mijn schoonzussen en -broer dan dikwijls ook nog langskomen, ieder met zijn of haar respectievelijk gezin.

Variaties zijn altijd mogelijk natuurlijk. Soms heb ik eens repetitie op zondagnamiddag, zodat van mijn bezoeken op beide plaatsen de tjoepkes worden afgesneden. Hier wat sneller weg en daar wat later aankomen.

Maar altijd is het ‘s zondagsvoormiddags redelijk druk. De kinderen moeten even door het water gehaald worden, net als wijzelf. Soms duikt er nog een vriend op die altijd dat ogenblik kiest om even binnen te springen. En héél héél soms schiet er nog wat tijd over voor mij om naar de mis te gaan. Niet ver van ons staat de dekenale kerk (ik heb het moeten opzoeken; blijkbaar is het dekenaal en dekenaat, maar ook decanaal en decanaat, maar geen mengeling daarvan…), waar ik te voet heen kan. En een deel van de liturgische gezangen zijn in het latijn, begeleid door prachtige orgelklanken en een geoefend mannenkoor. Alleen daarvoor zou ik eigenlijk gaan.

Maar veel tijd om te bloggen blijft er ‘s zondags dus niet over…

Lees het hele bericht »

De worst en het pannetje

Door gisteren dit bericht te lezen bij Smiling Cobra, dacht ik terug aan een toepasselijk mopje, mij ter ore gekomen in het dialect van Aalst en omstreken. Terwille van de lees- en verstaanbaarheid pas ik het aan naar wat algemener Vlaams…

Een klein meisje slaat haar mama gade in de keuken, terwijl die bezig is aan het avondeten. Na een poosje vraagt de kleine spruit: “Mama, waarom snijdt ge eigenlijk altijd de tjoepkes (eindjes) van de worst?”

“Tja,” zegt mama, “dat weet ik eigenlijk niet. Ik heb het mijn moeder altijd zo zien doen. Weet ge wat, als we zondag bij de bomma op bezoek gaan, zal ik het haar vragen.”

Kleine meisjes vergeten zoiets niet gauw en die zondag herinnert ze er haar moeder aan. “Juist,” zegt mama, “kom, we gaan het haar meteen vragen.”

Bomma is in de keuken bezig een lekkere tas koffie te zetten voor bij de taart, als haar dochter en kleindochter bij haar komen staan. “Moeder, waarom snijdt ge altijd de tjoepkes van de worsten voor ge ze bakt?”, vraagt de mama.

“Awel, dat ik het eigenlijk niet weet. Mijn moeder deed het ook altijd zo. Zij heeft mij leren koken en ik heb dat van haar overgenomen. Maar als ge wilt, zullen we het haar na de koffie gaan vragen.”

Overgrootmoeder leeft immers nog, is al stokoud en bijna doof, en wordt verzorgd in een bejaardentehuis in de buurt. Halverwege de namiddag komt haar familie eens langs. Na wat gekeuvel, pardon, geschreeuw in het hoorapparaat, komen de worstjes ter sprake.

“Meme?” begint de kleinste. “Ik zag mama deze week de tjoepkes van de sosissen snijden voor ze in de pan gaan. Mama wist niet waarom eigenlijk, en bomma weet het ook niet. Ze zeggen dat ze u dat altijd zien doen hebben.”

“Wa zegde mijn kind?” vraagt overgrootmoeder.

“Waarom dat ge de tjoepkes eigenlijk altijd van de sosissen snijdt voordat ge ze in de pan doet!” brult de bomma.

“Aaaai mennekes, bakte gijlie nog altij in da klein penneken?!” roept overgrootmoeder uit…

Lees het hele bericht »

Potje (4)

Twee weken na het begin kunnen we stilaan spreken van een succes.

Dochter vraagt het dikwijls zelf, er zijn geen dweilmomenten meer geweest deze week en het verloopt zonder geschrei. De (s)noepjes zullen daar wel veel mee te maken hebben…

Alleen in bed en in de auto draagt ze nog een luier. De luier voor in bed is tot nu toe geen overbodige maatregel gebleken, want die is dikwijls vol. Voor in de auto durf ik het nog niet direct riskeren; ik zou het niet graag zien gebeuren dat ze die onder water zet…

De nachtluier is de volgende stap. We zullen in het begin waarschijnlijk wel weer een paar keer een nat bed mogen verversen, maar geen omelet zonder gebroken eieren…

Vorige berichten: Potje, Potje (2) en Potje (3).

Lees het hele bericht »

Normbesef

Onlangs schreef ik iets over orgaandonatie. Buddha van Kladblog maakte mij er deze morgen op attent dat er op de voorpagina van de Metro-krant een artikel stond over lijkenpikkerij. Toevallig had ik het gisteravond ook gezien op het tv-nieuws. Zeven begrafenisondernemers in New York namen lichaamsdelen (botten en huid vermoed ik; organen worden heel snel niet meer bruikbaar als de persoon overleden is) van dode mensen en verkochten die voor transplantaties. Ze vervalsten daarbij ook de overlijdensakten zodat het leek of de lichaamsdelen afkomstig waren van gezonde mensen.

Geld doet het normbesef bij een aantal mensen toch verschrikkelijk verschrompelen. Het kon hen blijkbaar niets schelen dat iemand iets ingeplant kreeg dat afkomstig was van een persoon die overleden is aan kanker, waardoor ze dus onrechtstreeks bijna het doodvonnis van de ontvanger tekenden. Of die althans in groot gevaar brachten.

Waar gaat deze wereld naartoe?

Lees het hele bericht »

Gif in ons lichaam

National Geographic, zowat het enige magazine dat ik geboeid van voor naar achter kan uitlezen, plaatst voor oktober een artikel over het gif in ons lichaam:

“Dankzij de moderne scheikunde bakken eieren niet langer aan, blijven oksels de hele dag fris en halen sportauto’s de honderd in zes seconden. Maar alles heeft zijn prijs: de chemicaliën die overal in de moderne wereld om ons heen zijn – van overbekende gifstoffen tot nieuwe met nog onbekende gevolgen – hopen zich in ons lichaam op.”

De ’moderne’ (woeha) mens heeft de mond vol van gezond leven, maar zonder hun medeweten scheppen ze de hele dag stoffen op die in hun lichaam achterblijven en daar nog onvermoede effecten teweegbrengen. Ironisch he. En moest het niet zo zielig en uitermate verontrustend zijn, het zou komisch kunnen zijn als je een bewust kopende mens biologisch gelegde eitjes, biologisch geteelde uitjes en biologische kaas ziet kopen en die thuis in een tefalpan ziet kwakken. Waarna hij dus fluks wat chemicaliën van de pan zélf binnenkrijgt. Dan gaat de pan in de afwasmachine of in de gootsteen, hop wat ontvetters en andere chimique erbij, als ‘t goed is nog even afspoelen in de hoop dat er dan toch wat minder aankleven en de pan is klaar voor een volgend gifmaaltje.

Het artikel verontrustte mij moet ik zeggen. Gewoon even uw haar wassen en wat deodorant spuiten en je hebt wéér wat stoffen binnen. De giftigheid van een stof hangt af van de dosis, dus daarom vallen we allemaal niet direct dood natuurlijk. Zolang we maar niet teveel in een keer binnenkrijgen, dan verdwijnen veel stoffen ook wel weer terug uit ons lichaam. Er zijn natuurlijk ook stoffen die zelfs in geringe concentraties al ‘ongewenste’ effecten hebben. Lood (uit oudere waterleidingen) en kwik (uit vis en schaaldieren) bijvoorbeeld. Andere stoffen, zoals DDT, zijn op zich misschien niet zo giftig voor de mens, maar in het lichaam vormen ze metabolieten zoals DDE, dat wel veel kankerverwekkender zou zijn. Om dan nog maar te zwijgen van dioxines (uit verbrandingsprocessen), andere pesticiden dan DDT, ftalaten (weekmakers van plastiek en ook aanwezig in shampoo),…

Alles is chemie en biochemie natuurlijk. We zijn zelf opgebouwd uit allerhande chemische stoffen. Zelfs de prehistorische mens zal wel in contact gekomen zijn met moleculen die schadelijk zijn, bijvoorbeeld al door boven houtvuren te koken en de rook in te ademen. Maar we zijn er wel goed in geworden om steeds maar nieuwe verbindingen en moleculen te ontwerpen en ze daarna toe te passen in allerhande gebruiksvoorwerpen. Eens we niet meer zonder kunnen, rijst er plots twijfel over de schadelijkheid van bepaalde van die stoffen.

De welles-nietesdiscussie rond aspartaam is nog zoiets. Wat is ‘t nu? Mag ik er nu dagelijks een pilleke van in mijn koffie droppen, laat ik mij bedriegen door zo’n Ti’lightklontje dat er uitziet als een echt klein suikerklontje maar eigenlijk ook aspartaam bevat, of bestudeer ik vanaf nu elk etiket en ban ik het uit mijn winkelkarretje als het zelfs maar ruikt naar aspartaam? Heren wetenschappers, een objectief, niet-gesponsord antwoord alstublieft!

Iemand zou eens een handleiding moeten schrijven over hoe we gezond kunnen leven, met respect voor ons lichaam en de natuur. Een handleiding die zegt dat je beter niet dat merk van vershoudfolie kiest. En die ons er op wijst dat, als we een mango eten, die wel met het vliegtuig of met de boot van daar of daar moet vervoerd worden naar België, ongeacht het feit of die nu afkomstig is van eerlijke handel of niet. Of misschien zie ik het weer wat te zwart in…

Lees het hele bericht »

Nieuwe rage

Angelina Jolie heeft twee kinderen uit Ethiopië en Cambodja. Daar zocht ik nog niets achter.

Madonna adopteerde deze week een zoontje uit Malawi.

En nu wil ook Britney Spears een Afrikaans kind. Help.

Lees het hele bericht »

Oudere berichten »

Volg

Get every new post delivered to your Inbox.