Feeds:
Berichten
Reacties

Blogopslag

Lap, ‘k heb het weer zitten. Oktober begint en ik heb de eerste valling van het najaar al binnen. Mijn hoofd zit toe en mijn neus geraakt zo verstopt als de Ring rond Brussel om 9u of  om 16u. En om de analogie door te trekken: zoals de Ring nog beurtelings ook; nu eens het ene neusgat, dan weer het andere. Nog een geluk eigenlijk dat er morgen geen treinen naar Brussel treinen en dat ik thuiswerk kan doen. Er zijn plezantere dingen dan op een volle trein vertwijfeld naar uw zakdoek moeten beginnen te vissen omdat een neusdruppel zich klaarmaakt voor de Grote Vrije Val, en elke seconde telt, terwijl ge niet aan de bewuste zakdoek kunt komen zonder met uw elleboog in onwelvoeglijk lichamelijk contact met een medepassagier te treden, om het simpel te zeggen. Morgen kan ik ongegeneerd een halve rol toiletpapier in mijn neusgaten proppen om de neusvloed te stoppen. Alleen niet vergeten om te ontproppen voor ik de kinderen van school haal.

Enfin, dit allemaal om te zeggen – vraag mij niet naar de link met het bovenstaande; hersenkronkels zouden geen hersenkronkels heten als ze niet kronkelden – dat ik eindelijk een goede website gevonden heb om deze blog eens op te slaan als pdf. Ik had daar een paar jaar geleden al eens naar gezocht, maar het was toen niet echt gelukt. Kan ik eens zien of ik zes (zes begot! Miljaar, als ik die babyfoto’s van Zoon nu terugzie; waar is de tijd naartoe?) jaar geleden een ander gevoel voor humor had dan nu. Waarschijnlijk ga ik mij flink generen, als ik sommige dingen teruglees… Dan had ik er maar niet moeten aan beginnen, zeker?

Klosbassen

Spannend… Dochter vertrekt morgenvroeg op ”bosklassen”. Zeg ik dat eigenlijk goed? Vertrek je op bosklassen, of ga je naar de bosklassen?

Ze vertrekt alleszins morgen met het tweede jaar van de basisschool naar een militair domein in de provincie Antwerpen, en ze komt vrijdag terug. Een goede 27 jaar geleden ben ik op krek dezelfde plek gaan bosklassen, maar wij waren toen al gemiddeld 11 jaar, en geen 7. Qua zelfstandigheid scheelt dat toch wat. Al schat ik mijn eigen zelfstandigheid in hindsight misschien hoger in dan dat ze in werkelijkheid was. Maar ik denk toch niet dat mijn ouders zich zorgen moesten maken over het zelf smeren van mijn boterham, het omgaan met een valies of mijn ochtendlijke wasvaardigheden. Al kan ik mij niet meer herinneren of er toen douches aan te pas zijn gekomen, of dat het beperkt bleef tot een kattenwasje van ons gezicht.

Niet dat Dochter dat allemaal niet in mindere of meerdere mate ook zelf kan, maar het dúúúúrt allemaal zo lang. Ik heb er haar al voor gewaarschuwd; dat ze zich moet haasten of dat de pot choco leeg zal zijn tegen dat zij aan de ontbijttafel verschijnt. Zoals vele ouders maken wij ons zorgen dat onze voortbrengsels op een ander niet genoeg eten… Hopelijk zit er ook evenveel in haar valies bij het terugkeren als waarmee ze vertrokken is, want in het achterlaten of verliezen van dingen is ze ook een krak.

(Trouwens, zou er hier nu ooit iemand terechtkomen via de zoekterm “klosbassen”?)

Teeltplan

’t Is half februari, de tijd van het jaar waarin op veel moestuinblogs de teeltplannen opduiken en de voorbereidingen worden getroffen voor een nieuw moestuinjaar. Vorig jaar heb ik een hele tijd mijn hoofd gebroken over hoe ik de moestuin zou indelen, maar dankzij Excel is dat niet meer nodig tot 2023 en verder.

 

Mijn tuin is ingedeeld in 8 perceeltjes van ongeveer 4m op 2,4m en 2 perceeltjes van 8m op 1,2m. In de zomer van 2010 had ik al wat aardbeien aangeplant en wat sla gezaaid zonder teeltplan, en aangezien aardbeien een drietal jaar op dezelfde plaats blijven staan, moest ik daar al van uitgaan. In het bovenstaande schema staat rood voor de aardbeien. De cijfertjes geven aan in welk jaar ze zitten: 0 is het jaar van aanplant (in augustus); nadat ze er vervolgens 2 volledige jaren hebben gestaan, is het tijd om ze te verwijderen. Ondertussen staan er op de volgende perceeltjes vervangplanten klaar.

Verder wou ik rekening houden met de mestbehoefte (kolen hebben veel nodig, peulgewassen daarentegen brengen zelf stikstof in de grond), én met de indeling in de verschillende plantenfamilies. Om ziekten te voorkomen, mogen planten van eenzelfde familie niet elk jaar op dezelfde plek geteeld worden. Voor veel planten zit er best 3-4 jaar tussen, voor sla bvb. is een jaar overslaan voldoende. Sla wortelt namelijk niet zo diep en de teelt ervan duurt ook niet zo lang. Om knolvoet bij kolen te vermijden, wordt zelfs aangeraden om maar eens in de 8 jaar kolen te telen op een bepaalde plek.

Content dat ik was dat de puzzel uiteindelijk (ongeveer) klopte! Voor de “lelieachtigen” (prei en ui) had ik geen plaats meer; die zijn bij de “schermbloemigen” (wortelen,…) beland.

In Excel is het vervolgens een koud kunstje om door kopiëren en plakken de perceeltjes van de komende jaren in te vullen…

Allemaal goed en wel, zo vanachter de pc. We zijn echter geen jaar verder of het systeem heeft al nood aan enige aanpassingen…

Zo was er toch wat weinig plaats op het veldje van de prei en ui. Ook de wortelen, pastinaak en knolselder vochten daar immers voor wat leefruimte. Vroege aardappelen zijn wel leuk, maar de opbrengst valt wat tegen in vergelijking met de halflate aardappelen, zodat hun veldje sneuvelt en de prei/ui-familie haar eigen stekje krijgt. Heel het schema in de war natuurlijk. Poging nummer 2:

De meloenen (en komkommer) van het blauwe perceeltje vielen ook wat tegen. Die hebben veel zon nodig om zoet te worden, zo zonder serre. Ze krijgen nog een tweede kans dit jaar (ik heb toch nog zaad over), maar die zie ik op termijn ook nog verdwijnen, misschien ten voordelen van (opnieuw) vroege aardappelen. We zien nog wel. Mijn vrouw zou ook graag zien dat de bloemenwei, die nu een even groot stuk inneemt rechts van de moestuin, uitbreidt naar de onderste helft van de moestuin (de nrs 1, 2, 7, 8 en 9). Die stukjes zouden dan moeten verhuizen naar rechts, naast perceeltje 10… In Excel is dat vrij snel aangepast; in het écht daarentegen…

Digicorderstress

Digitaal tv-programma’s opnemen is handig. Nu hoef je écht bijna niets meer te missen. En via de digitale tv-gids is het al helemaal niet moeilijk om iets op te nemen. Nu nog leren om iets niét op te nemen…

Vroeger moest je kiezen. Eén serie volgen was goed doenbaar; als je eens niet thuis was, kon je de aflevering opnemen op een videocassette. Daarnaast kon je af en toe een filmpje opnemen om de avonden te vullen waarin er ‘niets op de tv’ was. Meer dan een aflevering – of meer dan een serie – opnemen, vereiste al wat boekhoudkundige kennis om bij te houden waar op welke tape wat nu juist ook weeral stond. En liefst meerdere lege videocassettes. Anders was je veroordeeld tot minutenlang vooruit- en achteruitspoelen om een blik te werpen op de opgenomen zaken. Om dan tot de ontdekking te komen dat je blijkbaar de verkeerde zender geprogrammeerd had.

Met onze digitale recorder kunnen we nu twee dingen tegelijk opnemen, én nog live naar een derde programma kijken. Je kan hem zo programmeren dat hij elke aflevering van een serie opneemt, ook als jij er niet aan gedacht had. Die eerste aflevering van het tweede seizoen die een jaar na het einde van het eerste seizoen wordt uitgezonden: jij wist het misschien niet, maar je digicorder wél. Die marginaal interessante aflevering over een Keltische muntschat ergens in Groot-Brittannië, die vroeger prioriteit 35 zou gehad hebben, staat nu geprogrammeerd. Niet op tijd thuis en vergeten iets te programmeren? Geen probleem; je kan de recorder van op afstand programmeren (toch als je toegang hebt tot het internet).

Het gemák, jongens, wat een gemák, dat opnemen tegenwoordig! Nu dat opgelost is, rijst de vraag: wanneer er naar kijken? De harde schijf van het recorderding flirt continu met de “er-kan-nog-maar-2%-bij”-grens. Zeker twee derde van de schijf wordt semi-permanent ingenomen door films voor de kroost. Over de rest mag ik in de praktijk beschikken, aangezien Echtgenote toch in slaap sukkelt voor de tv. Een film die we beiden willen zien, moet eerst een paar weken ‘rijpen’ eer het er van komt om er naar te kijken. Er staan nog afleveringen van een kookprogramma op van zeker een half jaar oud. ’s Vrijdags en ’s zaterdags ben ik verplicht om langer op te blijven. Ik ga pas slapen als de schijf weer 10% vrije ruimte heeft.

Digicorderstress. Ik moet er iets aan doen. Of toch als mijn favoriete series afgelopen zijn.

Stille zondag

Kindjes en stil zijn ’s morgens: soms lukt het, soms ook niet. Of soms maar half. Vorige zondag lag ik nog wat te doezelen om 7u30 toen ik hen al uit hun kamer hoorde komen. Ik hoef niet zo nodig veel te zeggen als ik opsta – niet dat ik een ochtendhumeur heb, maar veel is er de afgelopen 8 uur niet gebeurd, dat ik dat dringend kwijt moet. Niet zo bij hen. Al kwetterend kwamen ze naar de badkamer, tot de frank viel dat er mogelijks nog iemand in bed lag.

*kwetter kwetter kwetter* SLEF SLEF SLEF SLEF – Zoon maakt nogal wat decibels met zijn pantoffeltjes.

*kwetter kwetter kwetter* “SSSJT!” *Fezel fezel fezel*

SLEF SLEF SLEF SLEF Dochter: “HEFT UW VOETEN OP!!” slef slef slef

*Fezel fezel fezel* WOESJJ!! – het toilet.

Erg stil allemaal. Ik kon er helemaal niets van horen.

Onderbroek

’t Zijn lollige dagen… De storm van gisteren heeft de trampoline opgetild en wat verder verhakkeld neergekwakt. Door de vele regen is het grondwater weer hoog genoeg gestegen om onze kelder te bevochtigen.

En nu scheur ik net een winkelhaak in mijn broek zodat de ondergelegen laag, zijnde mijn onderbroek, voor iedereen zichtbaar is. Nog een geluk dat het solden zijn.

Zou ik – voor het eerst in mijn leven – helemaal zelf en op mijn eentje een nieuwe broek gaan kopen? Brr, de gedachte alleen al…

Auto kiezen

Mijn auto is bijna tien jaar oud. Als je tien jaar met een auto rijdt, dan heeft de halve vrienden- of familiekring ondertussen al een nieuwe wagen, zeker als daar een paar bedrijfswagens tussen zitten. Ge zoudt geen man zijn als het dan niet een beetje kriebelt zeker?

Maar ik zou op dit moment écht niet weten wat een volgende aankoop voor iets zou moeten worden… Aan de tips van Jeremy Clarkson & Co heb ik niet echt veel, moet ik bekennen. Da’s zowat het enige waar ik zeker van ben; aan een snelle wagen heb ik geen behoefte. En ook dat ik er nog niet klaar voor ben om wagenloos door het leven te gaan. We wonen niet in de stad.

Over al de rest verkeer ik in grote twijfel.

-       Benzine, diesel, hybride of elektrisch? Diesel staat tegenwoordig in een slechter daglicht; een hybride daarentegen is in mijn ogen zoiets als een elektronische typemachine kopen als de personal computers er zitten aan te komen. Een benzine blijft draaien op een fossiele brandstof, maar in elektrisch heb ik nog te weinig vertrouwen.

-       Nieuw, of toch maar tweedehands? Een nieuwe auto kost altijd veel geld als je het omrekent naar een bedrag per maand, hoe je het nu draait of keert. Hoe langer je er mee rijdt, hoe voordeliger. Maar zodra je er de garage mee uitrijdt, is hij al een paar duizend euro in waarde gezakt.

-       2WD of 4WD (naar het schijnt baanvaster bij regenweer)?

-       SUV (stoer), hatchback of break (de één al praktischer dan de andere)? Een sedan lijkt mij minder praktisch qua kofferruimte.

Bij de keuze van een auto komt er altijd een deel verstand en een deel emotie kijken. Mijn verstand duwt mij richting zuinig of milieuvriendelijk, praktisch, goedkoop, ik-trek-het-mij-niet-aan-hoe-het-er-van-buiten-uitziet. Mijn emoties trekken aan mijn mouw voor mooi, luxueus, prestige, merkgericht, niet willen onderdoen voor anderen.

Een paar jaar geleden was het toch simpeler. Doe ik veel kilometers? Diesel, zo niet: benzine. En dan alleen nog het merk en de kleur kiezen.

Ik blijf nog even met mijn karretje rijden, vrees ik. Tot het wat duidelijker is waar we naartoe evolueren misschien.

Volg

Get every new post delivered to your Inbox.