Feeds:
Berichten
Reacties

Toiletgesprek

Gisteren, op het toilet in een feestzaaltje in het Vlaamse land…

Zoon zit al vijf minuten op het toilet voor zijn grote boodschap, terwijl ik er buiten wat rondhang, te wachten tot ik zijn poep mag/moet afvegen. Af en toe informeer ik eens naar de stand van zaken.

Ik: “Ben je al klaar?”

Z: “Nee.”

… (een paar minuten later)

Ik: “Ben je nog niet klaar?”

Zoon: “Neeeee.”

… (Nog een paar minuten later)

Ik: Ben je nu nog niet klaar?”

Zoon: “Bijna.”

… (‘t Was duidelijk een grote boodschap)

Ik: “Hoe zit het?”

Zoon: “Mijn piemel is al klaar, maar mijn poep nog niet!”

Schijtspinnen

Wij hebben van die grote ramen. En de laatste tijd zaten daar aan de buitenkant tegen de bovenrand vrij veel grote, ronde spinnen op. Kogelspinnen, vermoed ik. En die hebben dus onze vensterruiten en -tabletten ondergesch*ten. Eerst wist ik niet wat het was, al die witte strepen en plekken. Vogeldropjes, daar leek het wel op, maar dan kon het alleen op de ruiten terechtkomen als die Stukagewijs komen langsgescheerd en ondertussen hun lading lossen.

Nooit gedacht dat spinnen ook van kaklala doen, zoals Tante Annie zegt. En dan nog in die mate.

Chauffeurspsychologie

Zouden er al studies gedaan zijn naar het totaalbeeld van het gedrag van automobilisten? Een beetje zoals een myrmecoloog de foerageerroutes van zijn studie-objecten onderzoekt?

Overal in België zijn er precies wegenwerken aan de gang. Met de nodige omleidingen en files tot gevolg. Het is mij al opgevallen dat het bij grote werken de eerste dagen superdruk is op de wegen van de omleiding, maar dat het de weken nadien stilaan kalmer wordt. Zelf zoek ik al na de eerste dag aanschuiven en tijd verliezen naar een geschikte sluip- of omweg. In het normale geval zou die dan wat verder om zijn, en misschien tien minuten langer rijden, maar die wordt dan plots toch interessant als je anders twintig minuten moet stilstaan. Of zelfs als je maar tien minuten moet stilstaan. Die laatste tien minuten duren veel langer dan die eerste tien minuten. Tijd is relatief.

Na een paar weken wordt het echter weer interessant om de gewone omleiding te volgen. Gek genoeg is het daar dan weer wat  rustiger geworden. Zou een deel van de andere chauffeurs ondertussen misschien ook andere wegen of transportmiddelen opgezocht hebben?

Voer voor een thesis, misschien. Verkeerologie. Zoals: wanneer wordt dat omslagpunt bereikt? Hoe ver of hoe lang is de gemiddelde chauffeur bereid om om te rijden, als hij maar niet in een file hoeft te staan? Zijn er verschillen tussen de categorie wegen (eens op de snelweg ben je waarschijnlijk eerder geneigd om er op te blijven en in de file te gaan ‘zitten’, terwijl je op secundaire wegen algauw gaat rondkarren in slaperige eenvaksbanen om die vermaledijde opstoppink te vermijden aan dit of dat kruispunt op de steenweg…)

Heel soms, als ik toch even moet aanschuiven, begin ik na te denken over de psychologie van het verkeer. Of is het de statistiek? Daar denk ik een volgende keer over na.

Kankerland

Een greepje uit de gespreksonderwerpen op de radio vandaag:

-  Hoofddoekenheisa in Antwerpen. Wat is hier toch misgelopen? Al die focus op die hoofddoeken zorgt er voor dat de hoofddoek net een statement wordt voor die meisjes. Men bereikt er net het omgekeerde mee. Maar hoe komt het toch dat de hoofddoek in Turkije of Tunesië niet toegelaten is op school en Marokkaanse bedrijven die ook weren wegens de associatie met fundamentalisme, maar dat er in België en Nederland commissies moeten opgericht worden die zich moeten buigen over het al dan niet discriminerende of racistische karakter van zo’n maatregel? Hoe kan het racistisch zijn als het in Noord-Afrika of Turkije evenmin toegelaten is? En hoe komt het dat ik twintig jaar geleden terug naar huis zou gestuurd geweest zijn als ik in een bermudashort naar school kwam (wat ik trouwens nooit gedaan heb)? Een jongen van mijn jaar moest terug naar huis achter een haarelastiekje; zijn langere haar was op zich al een unicum maar zijn haar los laten wapperen, dat kon zeker niet. Mogen dezelfde regels tegenwoordig niet meer voor iedereen gelden?

- Kim De Gelder is overgeplaatst van de ene gevangenis naar de andere. Is dit nu ook al nieuws? Wat kan ik daar nu uit leren? Als dat nu zo de procedure is, en zolang ze hem maar niet laten ontsnappen, wat moet mij dat kunnen schelen?

- Televisie- en toneelacteurs spreken meer en meer een ‘tussentaal’, geen Algemeen Nederlands en ook geen echt dialect, maar iets gebaseerd op Antwerps en Brabants. Ik ben fan van het dialect, maar aangezien tv-series niet enkel gemaakt worden voor de mensen van mijn dorp alleen en andere Vlamingen/Nederlanders het ook nog moeten kunnen begrijpen, vind ik het maar normaal dat acteurs Algemeen Nederlands praten. Maar moet daar nu óók weeral heisa rond gemaakt worden?

- Een aantal mogelijke dates voor de lesbische boerin in “Boer zkt vrouw” haken af omdat ze vanuit hun omgeving daartoe gedwongen worden. Sommigen zouden zelfs ontslag riskeren. Kàn dit nog, in 2009, in Vlaanderen? Zijn de Taliban nu al tot hier geraakt?

Niet veel positiefs te horen op de radio dus. Behalve misschien de zegetocht van Clijsters en Wickmayer, maar dat is dan vooral positief voor hun portemonnee en die van hun sponsors.

Integendeel. Als je de radio hoort, krijg je de indruk dat België een kankerland geworden is. Over alles wordt hier gekibbeld, voor niets lijkt er een degelijke oplossing te zijn, altijd is er ergens wel iemand niet akkoord en laat dat dan luidkeels horen. Een land van ontevredenen. Lees maar eens online de forumberichtjes bij de opiniestukken van de kranten. En, eigenlijk, ik moet oppassen of deze blog wordt een treffend voorbeeld van het onderwerp…

Komt dat nu omdat wij allemaal allemaal individualisten/egoïsten geworden zijn en nog maar weinig gemeenschappelijk meer hebben? België? België is al een tijdje alleen nog maar een slogan, een kreet die verdeeldheid zaait, een vlag om achter te schuilen en zich af te zetten tegen diegenen die meer rechten willen voor Vlaanderen. Wees nou eerlijk, wat is er in België nog echt gemeenschappelijk tussen Vlamingen, Walen, Brusselaars, Duitstaligen en ‘nieuwe Belgen’? De legerdienst is afgeschaft, de Rode Duivels zijn allang die naam niet meer waardig en het koningshuis ligt in Vlaanderen ook al niet meer in de bovenste schuif. Vlaanderen dan? Ook niet echt. Niet-Brabanders en niet-Antwerpenaren gruwelen van de Brabants-Antwerpse tussentaal op de tv; Vlamingen die niet in de Rand rond Brussel wonen snappen niets van de moeilijkheden van de Vlamingen in de Rand; Nederlandstaligen in Brussel noemen zich liever Brusselse Vlamingen dan Vlaamse Brusselaars; nieuwe Belgen voelen de noodzaak om zich af te zetten tegen de regels en halen, nu eens gewettigd maar soms ook weer niet, de beschuldiging van racisme boven…

Tony Mary is al dat negatieve beu en verhuist naar Zuid-Frankrijk. Ik zou hem soms willen volgen, als ik niet zo honkvast was, en als ik dan vrienden en familie en zo zou moeten achterlaten.

Is er eigenlijk nog wel iets dat alle Belgen zou kunnen verenigen en het gekibbel laten vergeten?

Plaatsbepaling

Zaterdagavond had Zoon wat veel gegeten. Na een half uurtje in de zetel, kwam hij een beetje klagen bij mij:

Zoon: “Papaaa, ik ben ziek geworden.”

Ik: “Doet het ergens pijn? Waar ben je ziek geworden?”

Zoon: “In de zetel.”

Dat komt ervan, als je je vraagstelling zo probeert aan te passen dat je denkt dat kleuters van 3 jaar het gemakkelijker zouden snappen.

Meningen

Iedereen heeft tegenwoordig zijn mening over het één of het ander, en ventileert dat graag – op een blog bijvoorbeeld. Of op het forum van een krant. En de meer succesvolle ventileerders gaan in de politiek.

Zou het echter niet kunnen dat iedereen dezelfde mening zou toegedaan zijn over een bepaald onderwerp, wanneer elk beschikt over exact dezelfde informatie? Als er rationeel nagedacht wordt, natuurlijk. Eens emoties op de proppen komen, kan iemand halsstarrig blijven vasthouden aan een bepaalde mening, terwijl de bewijzen van het tegendeel zich rondom hem opstapelen.

Soms komt het namelijk wel eens voor dat ik van gedacht verander, als ik over nieuwe informatie beschik. Gesteld dat die informatie volgens mij een voldoend hoog waarheidsgehalte heeft. Iemand die die informatie al eerder had, zou al eerder tot de ‘juiste’ conclusie gekomen zijn. ‘Juiste’, want met nóg meer informatie zou dat ‘juist’ misschien toch weer niet zo juist kunnen blijken te zijn.

Er zullen nog wel andere dingen meespelen, ongetwijfeld. Ervaring, for one. Geloofsovertuiging, misschien ook. Of opvoeding en waarheidsliefde. En wie weet wat er bij politiekers allemaal kan meespelen.

En soms is mijn mening nogal verward.

Lange Wapper

Ergens vond ik Patrick Janssens wel grappig, deze morgen op Radio 1, met zijn uitleg over de discussie gisteren over het referendum in Antwerpen. De Lange Wapper, weet u wel.

Eigenlijk hadden hij en zijn partij graag twee keuzemogelijkheden gezien op het referendum. Zijn coalitiepartners wilden de bevolking maar één vraag stellen, net als het Vlaams Belang in de oppositie. Bij een stemming zou de meerderheid kiezen voor één vraag, maar dan zou het Vlaams Belang eigenlijk méé beslist hebben. En het Vlaams Belang laten winnen, dat kan niet. Dan ook zouden de coalitiepartners in feite het cordon sanitaire doorbroken hebben.

Daarom deed P.J. water in zijn wijn en ging de coalitie eensgezind voor één vraag op het referendum. Ném, Vlaams Belang, eat that! Eén vraag zal het zijn, met of tegen uw goesting!

Dan denk ik zo bij mezelf: Moet ge daar nu zo groot voor geworden zijn, voor zulke spellekes?!

En daarom zal ik dan ook niet zo geschikt zijn voor de politiek.

Telefooncel

Zonet een spin gezien die zich een web heeft gesponnen in een telefooncel(*). Waarmee het beestje een duidelijk signaal gegeven heeft omtrent de tegenwoordige relevantie van telefoonkotjes.

Ik had mijn GSM niet bij, anders had ik er een foto van genomen. Come to think of it, een foto nemen van een telefoonhokje met je GSM, dat wil zo ongeveer hetzelfde zeggen als de spin die er haar toevlucht in had genomen…

(*) Voor mensen geboren na 1980: in een telefooncel kan je telefoneren. Zonder GSM als het ware. Het zwarte ding moet tegen je oor, en in de gleuf moet je een telefoonkaart proppen. Vraag mij niet waar je die tegenwoordig nog kan halen, want ik heb bovenvermelde handelingen niet meer toegepast sinds mijn kotperiode.

Gedril

Voor de zomer is men begonnen aan het gedeeltelijk afbreken van het gebouw naast dat van ‘t kantoor. Gebonk en gedaver, dagen aan een stuk. Nu zijn de werken herbegonnen en is men al de hele week met een drilboor aan de slag om een putje te maken aan de straatkant. Ik denk om buizen aan te sluiten.

Onderrrrrtussen zit het gedrrrrril in mijn hoofd.

Chicks (2)

Nog geen één kip gepakt door de vos. Maar ze worden dan ook elke nacht trouw opgesloten in hun kippenhok.

Ondertussen is er nochtans ‘t één en ‘t ander gebeurd:

- Er werd aan gezinsuitbreiding gedaan; de zwarte hen heeft 12 eitjes gelegd en bebroed.

- 10 daarvan kwamen zonder problemen uit; bij 2 ervan stak het kuiken wel de snavel door de eischaal, maar geraakte op eigen kracht precies niet verder. Toen de kloek deze eitjes achterliet in het nest en zich bekommerde om de 10 levendige donsbolletjes, hebben wij geprobeerd om de 2 sukkelaartjes te helpen. De kloek liet hen echter tot twee keer toe koud en voor dood achter. Door hen in huis op te warmen, kwamen ze er telkens weer door, maar het bleven zwakke dingen die niet eens recht op hun pootjes konden zitten, laat staan staan. 12 – 2 = 10 kuikentjes dus…

- De kuikentjes mochten onder de bescherming van een kippenren opgroeien, zodat de kleine avonturiertjes de veiligheid van de met netten overdekte weide niet konden verlaten. Zo’n kuiken wurmt zich anders met het grootste gemak door de omheining. Om een onduidelijke reden lag er ’s morgens echter op een keer een kuikentje dood in de ren. Tja… Accidents happen. 10 – 1 = 9 kuikentjes.

- Toen de kuikentjes bijna een maand oud waren en ze de hele tijd zielig zaten te doen in hun gevangenschap, lieten we ze overdag wel eens los lopen in de wei, waarbij we ze ’s nachts probeerden weer in de ren te krijgen. Ze waagden zich dan wel eens buiten de wei, maar haastten zich toch snel terug bij de mama bij elke vogel die kwam overgevlogen. Het was nogal een zicht, 9 donsbolletjes die daar rondtrippelden en -pikten. Helaas heeft Dochter er op een keer eentje zien liggen in de wei, dat niet meer bewoog. Ze was er vrij overstuur van, en heeft het samen met Echtgenote begraven. 9 – 1 = 8 kuikentjes.

- Voor ons zou het een stuk makkelijker zijn, moesten de kuikentjes samen met de kloek bij de andere kippen in het hok gaan slapen, zodat we ’s avonds gewoon maar het deurtje moesten dichtdoen en niet meer op kippenjacht moesten gaan. De eerste dagen moesten we wel wat kuikentjes het laddertje ophelpen, maar gaandeweg ging dat steeds beter. Tot ik ze laat op een avond in het donker nog buiten het hok aantrof. Ik wilde niet riskeren dat ze ten prooi vielen aan een vos, en heb ze allemaal het hok in geduwd. Toen we later zelf in ons bed kropen, hoorde ik de kuikentjes tot in onze slaapkamer onrustig piepen. Ik ben gaan kijken in mijn pyjama en met een zaklamp, maar ik kon niets verdachts zien. Geen roofdieren in de buurt, de grote kippen zat rustig; het waren alleen de kleintjes die bleven rondlopen en steeds vanonder de kloek kwamen en er dan terug weer onderdoken. De volgende ochtend deed ik het deurtje open en de kloek kwam als eerste aarzelend en wat suf naar buiten. Ze begon wat voer op te pikken, zonder te klokken om de kuikentjes te roepen, zoals ze anders deed. Met een angstig gevoel tilde ik het dak van het hok op en daar lagen, verspreid over de bodem van het hok, acht dode lijkjes… Ik dacht dat de andere kippen hen dood hadden gepikt, maar er was geen bloed aan te zien. Verder waren de haan en de kloek, die in tegenstelling tot de andere kippen altijd op de bodem van het hok in het stro sliepen, beide erg suf en bleek. Zitten zoeken op internet tot ik op bloedluis uitkwam. Dat het heel erg snel kan gaan, heb ik wel gemerkt. In het weekend nog het hok uitgeruimd en niets abnormaals gemerkt. Ook aan de kippen of kuikentjes was niets te zien. En dan, op één nacht tijd, doden de mijten 8 kuikentjes en pakken ze de haan en de kloek ook zo hard aan dat ik dacht dat die het evenmin zouden halen. Dezelfde avond heb ik het hok weer volledig uitgekuist, met een stoomreiniger alle kieren en wanden behandeld en een (vrij duur) middel op basis van scherpe minuscule kiezeltjes verspoten, waardoor het schild van de mijten beschadigd raakt en ze uitdrogen. Niet te geloven hoeveel mijten er de dag nadien nog dood lagen, nadat ik dacht dat de meeste door de stoom en de ontsmettingsproducten al wel zouden verdelgd zijn. Eindresultaat dus: 8 – 8 = 0 kuikentjes…

Ik was er verdorie niet goed van.

Biologisch boeren (2)

Aansluitend bij het vorige postje, laat ons nu nekeer een polleken organiseren sè. Voor de lol.

Biologisch boeren

Gisteren las ik op het toilet iets interessants in een paar maanden oud tijdschrift van NWT. Het is tekenend voor mijn leven tegenwoordig, dat ik al op het toilet moet gaan zitten om nog iets gelezen te krijgen. Dat komt er van, niet meer met de trein gaan werken…

Enfin, het artikel ging over aardappeltelers in Flevoland. Wanneer er tussen enkele reguliere landbouwers een paar bioboeren komen, stijgt het pesticidengebruik bij de reguliere landbouwers daarrond, werd opgemerkt. Het ging dan vooral over de aardappelziekte Phytophthora infestans, die op korte tijd een hele oogst kan doen mislukken. Daarom spuiten landbouwers tegenwoordig preventief, wanneer de weersomstandigheden gunstig zijn voor de ontwikkeling van de schimmel, en dit tot eenmaal per week. Bioboeren kunnen niet preventief werken, en kunnen niet anders dan wachten tot de schimmel aanwezig is en dan de aangetaste blaadjes met een gasbrander vernietigen. Als ze echter een dag langer wachten, hebben de knollen een dag langer de tijd om te verdikken en betekent dat een ton aardappelen per ha meer (wanneer de schimmel opduikt tijdens de periode dat de knollen zich aan het vormen zijn natuurlijk). Dan is de verleiding natuurlijk groot om de behandeling even uit te stellen. Ondertussen kan de schimmel zich echter verspreiden naar de omliggende velden…

Dit moet allemaal nog meer onderzocht worden, concludeerde het artikel wel, maar navraag bij de boeren zelf leerde wel dat ze meer fungiciden moeten gebruiken in streken waar bioboeren aanwezig zijn, dan op hun velden in streken waar er geen bioboeren zijn. De auteurs van het artikel rekenden uit dat bij een optimale spreiding van een 300-tal bioboeren over het landbouwareaal van Nederland – optimaal, zodat rekening houdend met de windrichting de zone die de bioboer kan ‘besmetten’ niet overlapt met de zone van een andere bioboer – er tot bijna 20% meer pesticiden gebruikt worden door de reguliere boeren. Daar moet dan het wegvallen van het gebruik van pesticiden door de bioboer na omschakeling naar biologiosche landbouw afgetrokken worden – zo’n 3%. Er zouden dus nog altijd meer dan 16% pesticiden méér gebruikt moeten worden. Als àlle aardappeltelers biologisch zouden gaan werken, zouden hun velden één grote infectiehaard worden. Een bakje friet zou dan wel eens een luxe-artikel kunnen worden.

Om maar aan te geven, biologisch boeren op grote schaal heeft zo zijn nadelen, waar gij en ik en de mensen in de natuurvoedingswinkel zo niet direct bij stil staan.

 

PS: Eens je je blog verwaarloosd hebt, is het niet meer evident om hem te reanimeren. De verslaving is over, de inspiratie is weg (heeft andere kanalen gezocht?). Voor hetzelfde geld volgt er na dit berichtje weer enkele maanden niets…

Chicks

Deze proberen we nu te beschermen tegen de vos zie (en moest ik nu nog een zin kunnen maken met ‘foxy’, dan zou ik waarschijnlijk plots heel veel bezoekers trekken die naar mijn ‘chicks’ komen kijken :) ).

cochins

Cochins, dit zijn. De krielversie. Sokjes aan, zij hebben.

001

Vos

Deze morgen een vos het veld naast en achter ons huis zien oversteken. Zoon had hem in feite het eerst gezien (“Kijk, papa! Een poesje!“). Normaal gezien zou ik daar vrij opgewonden over doen – dit is de eerste keer dat ik een niet-platgereden vos in het wild zie. Ware het niet dat ik dit weekend een kippenhok in elkaar gezet heb, en we binnenkort enkele kippetjes hebben rondscharrelen…

Ik ken wel de argumenten tegen de jacht en ik weet dat de enige duurzame oplossing een vosveilig kippenhok is, maar ik  heb daar toch mijn bedenkingen bij. Zo’n vosveilig kippenhok lijkt nogal op een concentratiekamp, alleen de wachttorens ontbreken. Een hek van 2 meter hoog begot. En dan omgeven door tegels van 40 cm breed. Hoe doe je dat, als je kippenweitje deels tegen de buitengrenzen van je perceeltje aanligt?

We zijn vast van plan om de kipjes ’s nachts op te sluiten, maar buren in de straat deden dat ook consequent… tot ze het één keer vergaten, of één keer ’s avonds wat later wegbleven. Eén keer is blijkbaar genoeg. En wie zegt dat hij overdag niet gaat langskomen? Als hij zelf niet bejaagd wordt, jaagt hij volgens verschillende artikels op het internet liever overdag dan ’s nachts. Het was deze morgen trouwens ook al een paar uur licht, toen we hem zagen rennen…

Ik ben vrij ongerust.

Mieren vangen

In de reeks “Hoe vang ik mieren?” – door Zoon.

Men neme een mierenlokdoosje. Men plaatse het boenk op de mier.

Oudere Berichten »